Wat zeggen Grote denkers over de Profeet Muhammed ﷺ?
Washington Irving (1783-1859) Amerikaans auteur:
“Hij behandelde vrienden en vreemden, rijken en armen, de sterken en de zwakken op dezelfde manier. Hij was bescheiden, matig op het gebied van eten en hij vastte op strikte wijze. Hij hield er niet van om op te vallen, zoals een kleine geest naar praalzucht verlangt. Hij kleedde zich in alle eenvoud en vond het onbelangrijk om zich te onderscheiden. In de persoonlijke omgang was hij correct. Hij behandelde vrienden en vreemden, rijken en armen, de sterken en de zwakken op dezelfde manier. Hij was geliefd bij de bevolking vanwege de hartelijkheid waarmee hij hen ontving, en hij luisterde naar hun klachten.
Zijn militaire overwinningen maakten hem niet trots of arrogant, zoals ze zouden zijn geweest als het om persoonlijk gewin zou gaan. Toen hij op het hoogtepunt van de macht was, behield hij dezelfde eenvoud in manieren en verschijning als in de tijd van tegenslagen… Zo hield hij er niet van dat er, als hij een ruimte binnenkwam, hij begroet werd met een aparte wijze van begroeten uit respect.” – (Life of Mahomet, Londen, 1889, pp. 192-3, 199)